| Van
der Weide Agaporniden |
|
|
De Roseicollie kweken wij sinds 2006. Na 3 jaar lang alleen Personata en Fischeri mutanten uit de blauwserie ging het blauwe bij ons een beetje vervelen. Daarom hebben wij besloten in 2006 de Roseicollie er bij te nemen. In eerste instantie alleen de wildkleur maar aangezien we een nieuw hok hebben gebouwd in 2006 kwam er extra ruimte vrij. Dit hebben wij benut door ook mutanten te gaan kweken bij de Roseicollie. Wij leggen ons ook toe op de volgende kleuren. Wildkleur, oranjemasker , lutino ( zowel oranje als de gewone lutino) en de opaline. Ons doel is om goede wildkleuren te kweken en deze in te kweken op de mutanten.
Kweken Inmiddels hebben we al wat aardige wildkleuren gekweekt en beginnen de mutanten ook te komen. De roseicollie is wel een compleet andere vogel als de Personata en de Fischeri. Niet alleen fysiek is het een grotere vogel maar ook in gedrag is de vogel veel rustiger dan bijvoorbeeld de Personata. Het kweken met een roseicollie is ook lastiger dan met de andere twee soorten. Met name de langbevederde collies kweken moeilijker. Na enige ervaring en kennis inwinnen bij collega kwekers redden we ons redelijk goed met de collies. Belangrijk is vooral de poppen goed in conditie te houden en deze gerantsoeneerd voeren. Dit houdt in 1 koffieschepje zaad per collie want een Roseicollie eet zich heel makkelijk dik en in coniditie. Dit gaat dan weer ten koste van de kweekconditie en de resultaten zijn dan ook minder te noemen. Het is daarom ook belangrijk als je bijvoorbeeld in september wilt gaan kweken dan mannen en poppen gescheiden te houden en deze heel voorzichtig te voeren. Zoals gezegt 1 koffieschepje zaad per vogel en 1 x in de week eivoer. Als we dan gaan koppelen zijn de vogels niet te dik en reageren de mannen en poppen beter op elkaar aangezien ze toch wel 3 a 4 maanden bij alleen hetzelfde geslacht hebben gezeten. Als de koppels dan gemaakt zijn wordt er meer eivoer gegeven. Om de dag krijgen de koppels eivoer zodat dit een extra reactie opwekt bij de vogels aangezien ze de afgelopen maanden weinig eivoer hebben gehad. Het koppelen van de kweekkoppels doen wij meestal in augustus. Als alles goed gaat hebben wij dan de eerste jongen in oktober. Dit heeft als voordeel dat de vogels 2 jaar kunnen meespelen op de tentoonstelling. Het koppelen van de kweekkoppels is de basis voor succes op de show. Onze ervaring tot nu toe is dat half langbevederde poppen x langbevederde mannen de meeste kweekresultaten opleveren. De langbeverde poppen kweken veel moeilijker dan de half langbeverde poppen. Belangrijk hierin is wel zowel de man als de pop van te voren te plukken. Dit voorkomt veel onbevruchte eieren. Belangrijk bij het koppelen is dat het koppel elkaar aanvult. Wat de man tekort komt moet de pop juist in uitblinken en andersom natuurlijk ook. Hierdoor kun je een vogel aanvullen in kwaliteiten die de vogel nog ontbreekt. Natuurlijk komen hier niet een nestje perfecte vogels uit maar de gedachte er achter leidt in onze ogen tot verbetering. Natuurlijk is dit theorie en hoe anders kan het soms zijn in de praktijk uitpakken.
|